Afgelopen vrijdag moest ik voor ik naar een klant ging even autosleutels ophalen bij mijn werkgever.
Even om misverstanden te voorkomen, de werkgever is niet mijn vrouw maar degene die mij ook werk geeft en daar dan ook nog wat voor doneert op mijn giro elke maand.
Op de terugweg dacht ik, even tijd voor een peukenpauze bij de Klinkenbergerplas.
Het was half tien en heerlijk rustig bij de plas, misschien ook wel omdat het nog een beetje bewolkt was.
Normaal is het hier bij mooi weer de hele dag een krioelende gillende massa, waar menig toeristenstrand niet voor onder hoeft te doen.
Nu zag je er slechts een enkele meerkoet op zijn gemak wat rond spartelen.
Maar naderhand vroeg ik mij af hoelang zal deze meerkoet hier nog rustig rond kunnen zwemmen.
Waarom ik mij dat afvroeg?
Heel simpel ik keek even naar de vloedlijn en als leek begreep ik zelfs dat dit niet gezond kan zijn.
Er lag een paar centimeter brede groene (bijna fluoriserende) laag smurrie langs de kant.
Ik keek nog een keer naar de meerkoet die lekker insecten uit het water hapte.
Op dat moment dacht ik maar één ding, of jij hebt een enorme sterke maag of jij krijgt problemen.
Met zo'n fel groen kleurtje langs de vloedlijn kan het zowel voor mens als meerkoet niet gezond zijn.
Volgens mij praten we eerdaags daarom niet meer over meerkoetjes, maar over minderkoetjes.
Gisteren hoorde ik op de radio dat zwemmen in de Klinkenbergerplas streng verboden is, in verband met blauwalgen.
Nou maar hopen dat die meerkoetjes dat ook gehoord hebben.
Reacties