Zoals ik al eerder schreef, het hele 3 Octoberfeest staat bol van de tradities.
Als je kijkt naar hoe 3 October vroeger gevierd werd, dan is er eigenlijk niet veel veranderd en zal er ook nooit echt veel veranderen, er worden hooguit onderdelen aan de tegenwoordige tijd aangepast.
Maar dat is de kracht van het feest en misschien daarom ook wel dat er al vanaf 1886 georganiseerde feesten zijn.
Mijn ouders zijn allebei van oorsprong geen Leidenaren.
Ik weet nog dat we als kind vaak met een nichtje naar 3 October gingen en mijn vader doorwerkte op 3 October.
Het was in de tijd dat hij zijn kantoor nog aan het opbouwen was en er moest brood op de plank komen. (en geld in het laatje zodat wij als kinderen 3 October konden vieren hahaha)
Twee dingen vergeet ik nooit meer.
Ik was een jaar of zes toen in Nederland de grote polio-explosie kwam en ook ik kreeg door de intenting een lichte vorm van polio, die gelukkig helemaal verdwenen is.
Dat jaar mocht ik de optocht kijken vanuit het raam van Penseel op de Haarlemmerstraat, zij hadden daar een herenkledingzaak en ik lag prinsheerlijk voor het raam op de eerste verdieping.
In 1962, ik was toen negen jaar, sloeg het 3 Octobervirus echt toe bij ons thuis.
Mijn vader was gekozen als bestuurslid van de 3 Octobervereeniging, en dat gaf een hoop veranderingen in ons 3 Octoberpatroon.
Een van de eerste veranderingen was, dat we vol trots stonden te zwaaien naar de koets waar mijn vader als bestuurslid in zat.
Vanaf dat moment was 3 October heilig bij ons in de familie, en als het maar in het kader van 3 October was, dan was bijna alles geoorloofd.
De weken voor 3 October denk ik regelmatig terug aan die tijden en constateer dat er eigenlijk in al die jaren niet veel veranderd is.
Ik ben eens gaan kijken bij mijn vader of hij nog wat foto's had uit die tijd, helaas niet al te veel.
Maar genoeg om te zien dat er niet veel veranderd is.
Poseren deed men toen ook al graag, al is het wat stijver dan nu.
Deze bestuursfoto begin jaren zestig in de Pieterskerk is niet tijdens 3 October gemaakt omdat iedereen zijn normale pak aan heeft en niet het jacquet zoals gebruikelijk met 3 October.
Een hoop gezichten van mensen die in mijn jeugd regelmatig bij ons thuis vergaderden.
Deze foto van de taptoe op 2 October zou zo vorig jaar genomen kunnen zijn.
Nog steeds loopt vrijwel elk kind en/of volwassene in Leiden een aantal jaar met zijn of haar sportvereniging mee in de taptoe op 2 October.
De taptoe is een blijvende hulde aan de grote mannen van 1574 zoals Prins Willem van Oranje, burgemeester Van der Werf, Jan van Hout. Jan van der Does en Louis Boisot.
Ook deze foto van de optocht kan vorig jaar genomen zijn, alleen alle winkels op de foto bestaan niet meer.
Een show voor het stadhuis en dikke rijen kijkers langs de kant.
Door onder andere de shows vallen de gaten in de optocht.
Maar voor de echte Leidenaar is een optocht zonder gaten geen optocht, dus geen probleem.
Over majorettes gesproken.
Mijn vader zat in de optochtcommissie, gekscherend ging in de familie en kennissenkring het verhaal dat hij dat uitsluitend deed omdat de majorettes niet onaantrekkelijk waren.
Ja, ik hou me er buiten alleen wel toevallig dat ik alleen deze foto van de start van de optocht kon vinden.
Al decennia lang onze Leidse trots, meermalig wereldkampioen Show en Marchingband K&G stal ook in de zestiger jaren al de show en harten van de Leidenaars.
Vroeger reed de Gouden Koets van de 3 Octobervereeniging niet elk jaar mee.
Tegenwoordig wordt hij gelukkig elk jaar gebruikt in de optocht en dat is hij waard ook.
Over Gouden Koets gesproken, aan Koninklijke belangstelling heeft het 3 Octoberfeest nooit gebrek gehad.
Veel prinsen en prinsessen hebben in Leiden gestudeerd en zullen incognito meerdere malen gedeeltes van het feest meegevierd hebben.
In 1974 bij de vierhonderdjarige herdenking kwam een behoorlijk grote delegatie van de Koninklijke familie op bezoek in Leiden tijdens het feest.
Heb het helaas niet meegemaakt, ik werkte in Zwitserland en mocht niet voor een paar dagen weg van de baas.
Het is mijn enige 3 October geweest die ik niet heb meegemaakt, en nam mij voor dit overkomt mij nooit meer.
Met tranen in mijn ogen zat ik boven op een berg in een halve meter sneeuw me te bezatten.
Ondertussen denkend, op dit moment loopt de optocht daar, nu zitten mijn vrienden op die plek, straks gaan ze daar naartoe etc. etc.
Wat was Beatrix toen nog jong he.
Over jong gesproken, dat waren er meer toen.
Zoals de man naast Beatrix, vooruit ik zal geen naam noemen, maar half Leiden heeft de acte van zijn koophuis bij hem laten passeren.
En kom je niet uit Leiden, ach het is gewoon de broer van Gerben, de meest besproken wielrenner in de zestig/zeventiger jaren.
Nee, veranderen doet er eigenlijk weinig tot niets.
Nog steeds elk jaar de prachtigste kostuums en veel paarden in de optocht.
De dochters van de majorettes van toen, zullen nu wel showgirls of huppeldepup ballet heten.
En zoals altijd staan ook dit jaar weer het bestuur en duizenden Leidenaren om acht uur 's morgens in het Van der Werfpark om tiidens het Koraal een aantal Vaderlandse liederen te zingen.
Er is in al die jaren dus eigenlijk aan de pijlers van het feest niets veranderd en zal ook nooit veranderen.
En dat zwaaien naar de koetsen, dat is er bij mij altijd in gebleven.
Alleen ben ik daar niet de enige in, ongeveer tweehonderd duizend mensen staan dat elk jaar weer te doen.
Wacht, één ding is er denk ik toch veranderd.
Ik zie op bovenstaande foto Hans Janssen met een sigaret in de koets zitten, roken in de koets zal je (denk ik) nu niet meer zien.
Maar ja, Hans was onafscheidelijk van zijn schetspotlood en sigaret.
Vanavond zit ik bij de oefening van het Koraal, wat gewoon al een feestje op zich is.
Verslag daarvan en wat andere vooruitblikken volgen nog de komende dagen.